Striktere betalingstermijn bij handelstransacties voor grote ondernemingen

Vanaf 29 april 2020 wordt de uiterste betaaltermijn bij handelstransacties van grote ondernemingen aan KMO?s beperkt tot maximaal 60 dagen, en de controle -en verificatietermijn tot maximaal 30 dagen.

KMO-definitie

De wet van 28 mei 2019 voegt aan de 'wet van 2 augustus 2002 over de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties' een definitie van 'KMO' toe.

Met ?KMO? wordt hier bedoeld: een onderneming die op het ogenblik van het sluiten van een handelstransactie valt binnen de criteria vastgesteld in artikel 1:24, § 1 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.

Dat wil zeggen dat het moet gaan om een onderneming die niet meer dan één van de volgende criteria overschrijdt:

jaargemiddelde van het aantal werknemers: 50;

jaaromzet, exclusief de belasting over de toegevoegde waarde: 9.000.000 euro;

balanstotaal: 4.500.000 euro.

Betalingstermijn van 30 of 60 dagen

Met het invoegen van deze KMO-definitie is de regel is nu duidelijk.

Wie als niet-KMO contracteert met een KMO, moet bij handelstransacties:

de wettelijke betalingstermijn van 30 kalenderdagen nakomen, of

de conventionele betalingstermijn van maximaal 60 kalenderdagen. Partijen kunnen dus geen uiterste dag van betaling overeenkomen van meer dan 60 dagen, indien de schuldeiser een KMO is en de schuldenaar geen KMO is. Een beding in een overeenkomst dat in strijd is met de vorige zin wordt voor niet geschreven gehouden.

Ook de controle- en verificatietermijn (conformiteit van de goederen of diensten met de overeenkomst) bedraagt voortaan maximaal 30 kalenderdagen.

In werking

De wet van 28 mei 2019 treedt in werking op 29 april 2020.
Ze is van toepassing op de overeenkomsten die worden gesloten vanaf die datum.

Bron: Wet van 28 mei 2019 tot wijziging van de wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties, BS 29 oktober 2019.

Zie ook:
Wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties, BS 7 augustus 2002 (art. 2 en art. 4).