Ouderschapsverlof: meer flexibiliteit dankzij opname met 1/10

Een wet van 2 september 2018 legt de basis voor een bijkomende mogelijkheid om de arbeidsprestaties te verminderen bij ouderschapsverlof. Een werknemer zal zijn arbeidstijd met 1/10 kunnen verminderen: een halve dag per week of één dag om de twee weken, en gedurende maximum 40 maanden. Er zal wel overeenstemming moeten zijn tussen werkgever en werknemer.

Flexibiliteit

Op dit moment kan een werknemer zijn ouderschapsverlof voltijds, halftijds of één dag per week opnemen. Daar komt nu dus een vierde opnamemogelijkheid bij. Het gaat om een maatregel die moet zorgen voor meer flexibiliteit, zonder dat er bijkomende rechten worden toegekend.

In de toelichting bij de wet stipt men aan dat:

de financiële impact van het ouderschapsverlof op het gezinsbudget kleiner zal zijn;

ouders de mogelijkheid krijgen om langer gebruik te maken van de extra zorgtijd;

vaders waarschijnlijk sneller zullen kiezen voor ouderschapsverlof;

co-ouders enkel een dag ouderschapsverlof kunnen opnemen tijdens de week dat hun kinderen bij hen zijn (nieuwe gezinsvormen).

Technisch

Technisch betekent dit dat de herstelwet van 22 januari 1985 wordt aangepast met ingang van 6 oktober 2018. De oorspronkelijke tekst werd bijgestuurd na opmerkingen van de Raad van State en de Nationale Arbeidsraad (advies nr. 2.014):

1/ Een aanvulling van artikel 102, §1. Er 'wordt een uitkering toegekend aan de werknemer die met zijn werkgever overeenkomt om zijn arbeidsprestaties te verminderen met 1/10 van het normaal aantal arbeidsuren van een voltijdse betrekking in het kader van ouderschapsverlof'. Deze modaliteit wordt expliciet beperkt tot het ouderschapsverlof.

2/ Een aanpassing van artikel 105, §1. Dat is nodig want de eerste aanpassing is enkel een uitkeringsregeling, zonder het recht te waarborgen om de arbeidsprestaties op die manier te verminderen.
Daarom wordt ook artikel 105, §1 aangepast: 'In het kader van ouderschapsverlof kan dit recht eveneens ten belope van 1/10 van het normaal aantal arbeidsuren van een voltijdse betrekking worden uitgeoefend' (naast de bestaande mogelijkheden van vermindering).

Er zijn meerdere KB's tot stand gekomen in uitvoering van artikel 105, §1. Onder andere het KB van 29 oktober 1997 op het recht op ouderschapsverlof. De effectieve uitoefening van de nieuwe regeling veronderstelt dat ook die uitvoeringsbepalingen nog worden aangepast.

3/ Een tweede aanpassing van artikel 105, §1. Een nieuw derde lid geeft de Koning de mogelijkheid om bij de uitoefening van de nieuwe opnamemogelijkheid te bepalen dat de aanvraag voor akkoord moet worden voorgelegd aan de werkgever.
Let wel, deze mogelijkheid kan enkel worden ingevoerd voor de 1/10-modaliteit. En dus niet voor de volledige onderbreking en de andere verminderingen van prestaties.

Bron: Wet van 2 september 2018 tot wijziging van de wet van 22 januari 1985 houdende sociale bepalingen wat het ouderschapsverlof betreft, BS 26 september 2018