Wetgever legt basis voor hervorming Belgische spoorwegen

De NMBS, Infrabel en HR Rail (de personeelsafdeling van NMBS en Infrabel) moeten efficiënter gaan werken. Met moderne overlegstructuren, aandacht voor besparingen en aangepaste investeringen, een efficiënte inzet van personeel en infrastructuur en met een focus op klantgerichtheid en stiptheid. Een jaar nadat deze hervormingsinitiatieven uit het moderniseringsplan van voormalig Mobiliteitsminister Jacqueline Galant werden goedgekeurd, komt de wetgever met de eerste wijzigingen. De Wet Diverse Bepalingen Mobiliteit van 3 augustus 2016 legt de basis voor de oprichting van een Investeringscel voor het spoor, de instelling van 2 onafhankelijke bestuurders in de bestuursraden van Infrabel en de NMBS en de wijzigingen in de werking bij HR Rail.

Volgens de wetgever cruciale aanpassingen om de NMBS de wapenen tegen de komende openstelling van de binnenlandse markt van het reizigersvervoer.

Investeringscel voor het spoor

Er zal een Investeringscel voor het spoor worden opgericht waarin vertegenwoordigers van de NMBS, Infrabel, de federale overheid en de 3 gewesten zullen worden samengebracht om adviezen te formuleren in verband met de meerjarenplannen die tussen de NMBS en Infrabel zijn afgesloten en de doelstellingen voor mobiliteit die door de ministerraad werden vastgelegd. Dit initiatief moet ervoor zorgen dat er met betrekking tot spoorweginvesteringen een betere afstemmingen tussen de verschillende betrokken partijen.

Op de langere termijn is het de bedoeling een samenhangend investeringsplan uit te werken, met projecten die de reizigers rechtstreeks ten goede komen.

Onafhankelijke bestuurders

De raden van bestuur van de NMBS en Infrabel krijgen elk 2 onafhankelijke bestuurders. Deze mensen zullen moeten beantwoorden aan de voorwaarden van onafhankelijkheid uit het Wetboek van Vennootschappen. Hun komst moet de kijk van buitenaf op het beheer en de strategische keuzes van Infrabel en de NMBS versterken.

Personeelsbeleid

De wetgever zorgt tot slot voor een aantal aanpassingen in het personeelsbeleid:

HR-Rail zal binnenkort werken op basis van een algemene opdrachtenbrief. Daarin staan de regels en voorwaarden volgens de welke HR-Rail zijn taken als openbare dienst en de opdrachten die hem worden gevraagd door de NMBS en Infrabel moet uitvoeren. De brief kan bijvoorbeeld verbintenissen bevatten om het personeelsbeheer te moderniseren. Al mag dit nieuwe rechtsinstrument geen afbreuk doen aan de bestaande procedures voor sociaal overleg;

de vakorganisaties die deelnemen aan het paritair overleg en aan het overleg in geval van sociale conflicten en die ook zullen deelnemen aan de sociale verkiezingen worden voortaan anders gedefinieerd. Bij de spoorwegen zullen voortaan alleen nog de representatieve of erkende vakorganisaties deelnemen aan de gangbare onderhandelings- en overlegprocedures en aan de aanzeggings- en overlegprocedures bij sociale conflicten. Daarbij worden alleen de vakorganisaties die binnen Infrabel, de NMBS en HR-Rail zijn vertegenwoordigd en die deel uitmaken van een interprofessionele organisatie vertegenwoordigd in de Nationale Arbeidsraad, zullen worden beschouwd als representatief. Om als erkend te worden beschouwd, moet een vakorganisatie een aantal aangesloten leden tellen dat minstens gelijk is aan 10 procent van het totale personeelsbestand;

de regionale paritaire instanties voor de sociale dialoog binnen Infrabel, de NMBS en HR Rail worden gerationaliseerd: voor de 3 ondernemingen zal één enkel paritair orgaan per gewest worden gecreëerd. De vele gewestelijke paritaire comités inzake sociale werken worden opgeheven;

in de toekomst wordt de samenstelling van de gewestelijke paritaire commissie, wat de vertegenwoordigers van het personeel betreft, geregeld via sociale verkiezingen; naar analogie met de privésector. Deze verkiezingen worden voor het eerst georganiseerd in 2018 en vanaf 2024 om de 4 jaar.

17 september 2016

De Wet Diverse Bepalingen Mobiliteit van 3 augustus 2016 treedt in werking op 17 september, 10 dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad.

Bron: Wet van 3 augustus 2016 houdende diverse bepalingen inzake mobiliteit, BS 8 september 2016.