Opleiding voor getuigschrift Cassatie in strafzaken start voorjaar 2015

Advocaten zullen vermoedelijk in het voorjaar van 2015 kunnen starten met de specialisatie ‘Cassatieprocedures in Strafzaken’. De Orde van de Vlaamse Balies (OVB) en de Ordre des barreaux francophones et germanophone (OBFG) hopen in januari de eerste lessen te kunnen aanbieden. De Opleidingscommissie die alles moet organiseren, komt deze week nog voor de eerste keer samen. De federale regering maakt wel al duidelijk dat de opleiding maximum 20 uur zal duren waarvan een deel theorie en een deel praktijk.

Getuigschrift verplicht vanaf 1 februari 2016

De wetgever wil het aantal cassatieberoepen in criminele, correctionele en politiezaken verminderen. Onder meer door beroep te doen op zogenaamde 'Cassatieadvocaten', zoals dat al jaren lang het geval is bij burgerlijke zaken. Vanaf 1 februari 2015 moet de 'memorie van Cassatie' ondertekend zijn door een advocaat die gespecialiseerd is in cassatieprocedures (uitzondering voor het Openbaar Ministerie). Vanaf 1 februari 2016 moet die advocaat zelfs een getuigschrift van een opleiding in cassatieprocedures kunnen voorleggen. Een opleiding georganiseerd door de OVB en OBFG, van maximum 20 uur, bestaande uit theorie en praktijk zo blijkt nu.

Eerst theorie dan praktijk

In eerste instantie zullen de advocaten een reeks hoorcolleges moeten volgen over de verschillende aspecten van de procedure en van de voorziening in cassatie. Tijdens de colleges is er bijzondere aandacht voor items als 'de aard van de controle door het Hof van Cassatie', 'de ontvankelijkheid van het cassatieberoep', 'de middelen tot cassatie' en ' de ontvankelijkheid van de memorie en het opstellen van de cassatiemiddelen'.

Advocaten die alle theoretische lessen hebben gevolgd, worden toegelaten tot het praktisch opleidingsonderdeel. Een praktijkseminarie over de voorziening in strafzaken. De kandidaten zullen een memorie tot staving moeten opstellen en actief moeten deelnemen aan de bespreking ervan.

Regelmatig ingeschreven

Niet alle advocaten zullen de opleiding mogen volgen. Om toegelaten te worden moet men regelmatig ingeschreven zijn op het tableau, op de lijst van de advocaten die hun beroep uitoefenen onder de beroepstitel van een andere EU-lidstaat of op de lijst van de stagiairs.

Advocaten bij het Hof van Cassatie en advocaten die geslaagd zijn voor het examen georganiseerd door de Orde van advocaten bij het Hof van Cassatie moeten de specialisatie niet volgen. Zij worden geacht te voldoen aan de opleidingsvereisten om te mogen tussenkomen voor het Hof van Cassatie in strafzaken. De opleiding voor advocaten bij het Hof van Cassatie, zoals georganiseerd door de cassatiebalie, omvat immers een opleidingsonderdeel m.b.t. de voorziening in strafzaken. Het tweede jaar van de opleidingscyclus wordt er zelfs integraal aan gewijd.

Waar en wanneer nog niet duidelijk

De federale regering bepaalt in haar besluit slechts een aantal algemene opleidingsvereisten. Het is aan 'de Opleidingscommissie' om het opleidingsreglement vast te leggen, de inhoud en data van de lessen te bepalen en de lesgevers aan te wijzen. Maar zo ver zijn we nog niet. De OVB en OBFG hebben nog maar net de leden van de commissie aangewezen. De commissie komt allicht deze week voor het eerst officieel samen.

Bedoeling is wel de opleiding te starten in het voorjaar van 2015, klinkt het bij de OVB. Er wordt zelfs gemikt op januari. Maar dit alles hangt dus af van hoe snel de Opleidingscommissie vordert.

20 november 2014

Het KB van 10 oktober 2014 treedt in werking op 20 november 2014, de dag van publicatie in het Belgisch Staatsblad. Ook het betrokken artikel uit de wet van 14 februari 2014 over de hervorming van de rechtspleging voor het Hof van Cassatie in strafzaken treedt dan in werking.

Bron: Koninklijk besluit van 10 oktober 2014 tot vaststelling van de vereisten van de opleiding bepaald in artikel 425, § 1, tweede lid, van het Wetboek van strafvordering, BS 20 november 2014.

Zie ook
Wet van 14 februari 2014 met betrekking tot de rechtspleging voor het Hof van Cassatie in strafzaken, BS 27 februari 2014. (art. 27)